Kimmie in IJsland

Dit is de website van mijn christelijke missie naar het wijdse Eischland.

maandag, februari 26, 2007

Victory!

Ik wil het al maanden doen, maar nu moet ik toch eens tijd wijden om te schrijven over Viktor.
Victor is een Oekraïener en werkzaam in het beruchte Guesthouse waar ik ook een jobke heb.

Achtergrondfichke: drie keer getrouwd, drie keer gescheiden, voormalig sergeant in het Russische leger, ex-drilofficier, korte haren, 55 jaar oud. Zegt genoeg? Leest u vooral verder.

Hoewel Viktor al vier jaar in IJsland verblijft, spreek ik intussen al tien keer zo goed IJslands als hij en is hij blijven steken in het twintigwoordjes-stadium. Conversaties met hem eindigen onvermijdelijk na drie zinnen, omdat Viktor nu eenmaal nooit begrijpt wat je zegt. Als je IJslands spreekt, vraagt-ie je om Engels te spreken, en als je Engels spreekt vraagt-ie naar je Oekraïens of Russisch. Wat ik, gegeven mijn achtergrond, filologisch bepaald interessant, doch praxis-georiënteerd vrij onmogelijk vind. Ook zijn argument dat wij jonge mensen toch beter zijn in talen leren en "dus" maar Russisch moeten leren om met hem te kunnen praten, vind ik louche.
Vorige week was ik ziek. Griep. Iedere normale ziel weet dat ge dan vooral in uw bed behoort uit te zieken en uit te rusten. Glaasje water met poedermedicijntje op het nachtkastje, een halflege fles Spa ernaast, zweetdruppeltjes op het voorhoofd, thermometer in uw bakkes (of in uw gat, al naargelang uw eergevoel) oogjes toe en maar lekker fijn ijlen - zo hoort dat. Niet zo Viktor, want onze gewezen drilsergeant van het Russische leger houdt er heel andere praktijken op na. Zo raadde Viktor me aan om vooral veel Vodka te drinken en slechts pure knoflook te eten, kwestie van met deze twee natuurelementen het lichaam grondig te zuiveren. Juist ja - leest u de vorige zin vooral opnieuw, om u te realiseren hoe Viktor zijn kinderen zou behandelen.

Ik kon het me al levendig voorstellen. Mijn gastmoeder - aartsvijand van alles dat zelfs maar naar likeurpralines zweemt - in de plaatselijke alcoholwinkel (in IJsland is alcohol alleen te koop in speciale, aartsdure staatswinkels) aanschuivend met vier flessen wodka. Ik, ijlend en zwetend in mijn bed, twee thermometers in mijn naar knoflook stinkende bakkes, een halflege fles wodka op het nachtkastje, een lege op de grond. Jaja ... wil Viktor toch eens vragen hoe dat er eigenlijk aan toe gaat op de ziekteboeg van het Russische leger, en tegen wat Wodka nog allemaal helpt.

De drie Russisch-Oekraïense meiskes hier - Olga (26), Maryana (18) en Elya (25?) - hebben zo hun eigen mening over Viktor. Naart schijnt heeft hij eens gezegd dat hij een vrouw nodig heeft (vierde keer, goede keer zou-ie gezegd hebben) en maakt hij al drie jaar constant opmerkingen over hun achterwerken. Erin knijpen is niet altijd aan de orde van de dag - Olga en Elya zijn immers getrouwd en hebben naart schijnt beide een man van 2m 30 en met handen, die zó groot zijn dat ze je wel in één keer kunnen fijnknijpen (althans, dat denkt Viktor), maar hij is wel altijd verdacht vaak bij hen op bezoek in het washok. Aangezien Viktor bovendien masseur van beroep is, probeert-ie altijd zijn kunsten uit te oefenen bij hen.

vrijdag, februari 16, 2007

Við eigum bíl!

We hebben een auto!
Diego en ik zijn em gisteren gaan betalen :). Tis te hopen dat deze kameraad het de volgende zes maanden met ons gaat volhouden ... Vanaf nu kunnen we eindelijk de iets zwaardere wegen oprijden ;).































vrijdag, februari 09, 2007

vestmannaeyja (westmaneilanden)


Laatste blik op de westmaneilanden - bij zonsondergang.













Diego, Rike, Alessandro en Eneritz.














Gezichtbedrog. Foto vanuit een kleine grot genomen, 100 meter hoog. Op de achtergrond eerst het zwarte zandstrand en dan de (woelige!) Atlantische Oceaan.










Dit deel van het eiland is welgeteld 44 jaar oud. Ontstaan bij de uitbarsting van 1963.












Op de top van de vulkaan Eldfjall. De schaduw reikt tot in het stadje - wat een symboliek.












Nog een vulkaan. Deze is voor het laatst uitgebarsten in 1973 (het linkerachterdeel van de berg is daarbij weggeblazen). Het eiland werd daarop 20 procent groter. Op de achtergrond het IJslandse vasteland.









Nu van beneden: een vulkaan precies zoals ge het u voorstelt. De Eldfjall ("Vuurberg"), een dikke 200 meter hoog. De vorige foto is op de top van de Eldfjall genomen.










Heel deze eilandengroep is door vulkaanuitbarstingen ontstaan.

























Spektakel. Golven van minstens vijf meter hoog die op de rotskust inbeuken.



























Een IJslands huis van vroeger. Gemaakt uit steen en met een dak van gras.












Mr. Michelin? Nee. Een loeiharde wind die de jas van Eneritz (20, Baskenland) qua volume verdubbelt.

























Op de vulkaan. Op sommige plekken lag er geen sneeuw meer, omdat de bodem daar rond de dertig-veertig graden warm is. Echt cool: met een warm gat in een sneeuwlandschap zitten.






































-5, een loeiharde wind en sneeuw die door haar snelheid je door je kleren heen pijn doet als ze je raakt. Welkom op de westmaneilanden.












een houten kerkje, best te vergelijken met de Noorse stavkyrke :).


























"Ich will mit einem Boot von Island wieder nach hause fahren". Zo sprak Nathalie haar hartewens uit. Een grote boot moest het worden, wist ze zelfs te vertellen, liefst zo'n containerschip. Helemaal van Ijsland naar Duitsland wou en zou ze gaan.
Dat was een week vóór ons bezoek aan de westmaneilanden. Andere anekdote, nu slechts een uur voor we zouden inschepen: Kimmie rent als een gek mannetje opgewonden rond in de haven van Þórshöfn, zwaaiend met een doosje maagtabletten. Tegen reisziekte, luchtziekte en zeeziekte. Zelf heeft hij al braaf een pilletje genomen en nu biedt hij zijn zes reismakkers er olijk ook eentje aan. Iedereen slaagt het aanbod af, sommigen zelfs lachend. Haha, wordt er gegrijnsd, dat hebben we toch niet nodig. En lachend stapte iedereen op de boot. Het kan niet stuk.
Al spoedig blijkt dat een vergissing te zijn. Zelfs bij slecht weer kan je vanop de westmaneilanden een groot stuk van de IJslandse kust zien liggen. De afstand kan niet meer dan 20 kilometer zijn. Maar jammer genoeg is de meest nabijgelegen haven een heel stuk verder aan de kust, zodat elk schip minstens drie uur moet varen voor het in de haven van de westmaneilanden voor anker kan gaan. Nu is dat stuk zee, voor de zuidwestkust van IJsland, bijzonder woelig. Bij mooi weer zijn de golven zo'n twee meter hoog. Maar die avond, toen zeven vermetele Volunteers instapten, was er een zware storm op zee. Er stond een loeiharde wind en de golven waren - volgens de kapitein door de microfoon - acht meter hoog. De gevolgen lieten zich raden. We waren de haven nog niet uit of het schip - dat echt wel groot was - begon al van links naar rechts te golven en op en neer te gaan. Haha, leuk, riepen de zeven domme volunteers in koor, nog niet beseffend wat hen boven het hoofd hing. En ze hingen een beetje de onnozele uit en vonden het fijn.
Tien minuten later was het al lang zo fijn niet meer. De ene na de andere voelden ze zich misselijk. En een na een probeerde iedereen het toilet te bereiken. Wat volgde was drie uur pure miserie: het schip golfde op en neer, onophoudelijk, in een moordende snelheid. Op en neer. En op en neer. En op en neer. En op en neer. En op en neer. Uw dappere Vlaming lag al snel op de grond te bekommen - liggend is je maag beter bestand -, vijf andere vrijwilligers lagen hun maag uit hun lichaam te kotsen in een gortig stinkend toilet. En de zevende vrijwilliger? Wel, dat was de dappere Paula, die -tot onze grote verbazing - niets voelde en gewoon wat zat te lezen. Soms waagde ik het een blik naar buiten te werpen, en wat ik daar zag was gewoon verbazingwekkend. In het spookachtige licht van de maan kon ik werkelijk gigantische golven op het schip zien afrollen en breken. Drie uur lang dachten we dat we stierven. Het deed zo'n pijn, de hele tijd op en neer te gaan, je maag overhoop te voelen gaan en het onafwendbare kjotsgevoel. En dan was ik nog een van de gelukkigen die al zijn eten binnenhield...